Terug
 

De man met de lantaarn [1]

De man met de lantaarn [1]

 
 

In deze oefening leer je:

  • zoeken naar een oorzaak met een gevolg,
  • plaats en tijdstippen met elkaar vergelijken,
  • letten op details in een tekst.

 

Wat ga je lezen?

Je gaat een verhaal (deel 1) lezen over Jack met de lantaarn. Hij maakt Maartje midden in de nacht wakker, omdat hij graag naar binnen wil ... Maar moet ze een vreemde man zomaar binnen laten?

Oorzaak en gevolg
Er gebeurt iets, dat noem je de oorzaak. Wat er daarna gebeurt, heet het gevolg. Zonder oorzaak is er geen gevolg. Let goed op de signaalwoorden waardoor, daardoor, hierdoor, doordat, zodat, omdat, vanwege en hoe komt het dat ... Die kondigen aan dat er een oorzaak met gevolg is. Deze signaalwoorden hoeven er niet altijd bij te staan!

Maartje voelt zich geweldig. Ze heeft de man weggestuurd.

Oorzaak: Ze heeft de man weggestuurd.
Gevolg: Maartje voelt zich geweldig.
 

Leesvraag

Welke eigenschap past vooral bij Maartje?

 

Begrijpend Lezen - Halloween - Kinderboekenweek - Griezelen